Verloskunde en gynaecologie, verpleegafdeling

Borstvoeding of kunstvoeding



Print deze folder

Geachte mevrouw,

Hartelijk welkom op de afdeling verloskunde/polikliniek gynaecologie.

De bevalling komt steeds dichter bij en u treft voorbereidingen om de nieuwkomer zo goed mogelijk te verwelkomen. Eindelijk is het dan zover. De eerste periode is spannend, nieuw en niet altijd even gemakkelijk.
Het voeden van uw kind is een van de eerste dingen waar u als aanstaande moeder mee te maken krijgt. Een belangrijke vraag voor uzelf is: ga ik borstvoeding of kunstvoeding geven? Meerdere factoren bepalen uw keuze hierin, zoals uw eigen ervaringen, uw omgeving, de media en eventueel medicijngebruik.
Wij vinden het belangrijk dat u goed geïnformeerd bent, zodat u voor uzelf de juiste keuze maakt.

Dit informatieboekje is ontwikkeld om u te helpen bij de voedingskeuze voor de baby. Misschien heeft u de keuze al gemaakt, misschien ook niet. Dit boekje is bedoeld om beter geïnformeerd te zijn over de voeding van uw baby.
U kunt altijd met al uw vragen, dus ook met vragen na het lezen van deze informatie, terecht bij de verpleegkundige.
Wij hopen dat uw verblijf in ons ziekenhuis prettig verloopt.

Team afdeling Verloskunde.

Waarom borstvoeding?

Borstvoeding geven is heel natuurlijk. Bij het geven van borstvoeding is het contact tussen moeder en kind heel intensief. Borstvoeding is een goede manier om aan elkaar te wennen. Maar dat wil niet zeggen, dat het altijd vanzelf goed gaat, u hebt informatie en goede begeleiding nodig. Door kennis van zaken groeit uw zelfvertrouwen, waardoor u met plezier borstvoeding kunt geven. Ook uw partner hoeft zich niet overbodig te voelen als u borstvoeding geeft. Er zijn heel veel andere manieren om een band met de baby te krijgen, denk aan knuffelen, troosten, zingen, badderen enzovoort.

Met borstvoeding geven kiest u voor de beste voeding voor uw kind. Moedermelk bevat niet alleen alle voedingsstoffen op maat, die een baby nodig heeft. Het bevat onder andere ook afweerstoffen, die de baby beschermen tegen ziekten en infecties. Ook in Nederland geldt: "Borstvoeding is een niet te evenaren manier om een baby de ideale voeding te geven voor een gezonde groei en ontwikkeling."(UNICEF/WHO)

De samenstelling van moedermelk voor een te vroeg geboren baby is helemaal aangepast aan de behoefte van dat moment. De melk bevat extra eiwitten (de baby moet goed groeien), specifieke stoffen voor de rijping van de organen en afweerstoffen die de kans op infecties verkleinen (o.a. darm-en luchtweginfecties)
Juist voor een te vroeg geboren baby is het heel belangrijk borstvoeding te krijgen.

De gezondheidsraad adviseert om zes maanden volledig borstvoeding te geven.Voor een goede ontwikkeling krijgt uw baby de eerste zes maanden niets anders dan moedermelk. Pas na zes maanden krijgt uw baby naast borstvoeding ook de behoefte aan andere voedingsmiddelen zoals groente en fruit.
Zes maanden borstvoeding geven betekent dat u de gezondheidsvoordelen van borstvoeding op langere termijn aan de baby meegeeft.

In het eerste levensjaar zijn die voordelen onder meer:

  • Betere ontwikkeling van de hersenen en aanleg van het zenuwstelsel.
  • Minder kans op luchtweginfecties, darminfecties.
  • Minder kans op oor- en hersenvliesontsteking.
  • U geeft uw baby belangrijke antistoffen mee die hij zelf nog niet kan maken.
  • Minder kans op eczeem en allergieën.
  • Betere kaakontwikkeling waardoor een goede motoriek van de mondspieren ontstaat.
  • Op latere leeftijd minder kans op hart- en vaatziekten en diabetes.
  • Bij borstgevoede kinderen komt minder vaak overgewicht voor.

Er zijn ook voordelen aan borstvoeding geven voor de moeder:

  • Minder bloedverlies na de bevalling.
  • Sneller terug op gewicht.
  • Minder kans op borstkanker.
  • Minder kans op eierstokkanker.
  • Minder kans op botontkalking.
  • Borstvoeding is altijd bij de hand, op juiste temperatuur.
  • Borstvoeding is gratis.
  • Borstvoeding milieuvriendelijk.

Vuistregels

In dit ziekenhuis hebben wij gekozen voor de wereldwijd gehandhaafde vuistregels van WHO/UNICEF als uitgangspunt van ons borstvoedingsbeleid. Dit beleid is bekend bij alle kinderartsen, gynaecologen, verpleeg- en verloskundigen van de afdeling verloskunde en de kinderafdeling. Alle verpleeg- en verloskundigen van beide afdelingen zijn daarin geschoold. Er is een borstvoedingscommissie die tijdens werkoverleg de nieuwste inzichten bespreekbaar maakt en doorvoert op beide afdelingen, zodat de kwaliteit van zorg gewaarborgd blijft.

De tien vuistregels zijn:

  1. Het ziekenhuis heeft een beleid ten aanzien van borstvoeding, dat standaard bekend gemaakt is aan alle betrokken medewerkers.
  2. Alle betrokken medewerkers beschikken over de vaardigheden die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van dat beleid.
  3. Alle zwangere vrouwen krijgen voorlichting over de voordelen en de praktijk van borstvoeding geven.
  4. Moeders krijgen binnen één uur na de geboorte van hun kind hulp bij het borstvoeding geven.
  5. Vrouwen krijgen uitgelegd hoe ze hun baby moeten aanleggen en hoe zij de melkproductie in stand kunnen houden, zelfs als baby en moeder van elkaar gescheiden zijn.
  6. Pasgeborenen krijgen geen andere voeding dan borstvoeding, tenzij op medische indicatie.
  7. Moeder en kind mogen dag en nacht bij elkaar op de kamer blijven (rooming-in).
  8. Borstvoeding op verzoek wordt nagestreefd.
  9. Pasgeborenen die borstvoeding krijgen wordt geen speen of fopspeen gegeven.
  10. Bij het beëindigen van de zorg krijgen moeders informatie over borstvoedingsgroepen (moedergroepen) in de regio.

Borstvoeding heeft de grootste kans van slagen als er een aantal punten in acht wordt genomen. Dit leggen we uit aan de hand van de vuistregels:

Vuistregel 4
Moeders worden binnen één uur na de geboorte van hun kind geholpen met borstvoeding geven Het eerste uur na de geboorte is de baby goed wakker en alert, dit is een goed moment om de baby voor de eerste keer aan te leggen.
Wanneer dit niet mogelijk is, wordt de baby zo snel mogelijk aan de borst gelegd wanneer u en de baby er wel aan toe zijn. De eerste voeding die de baby na de geboorte krijgt, heet "colostrum". De voeding is wat dikker en geler van kleur dan de latere borstvoeding en bevat extra eiwitten, vitaminen en mineralen. Deze voeding bevat veel antistoffen die de baby beschermen tegen infectieziekten, werkt laxerend en is licht verteerbaar.

Vuistregel 5
Vrouwen krijgen uitgelegd hoe ze hun baby moeten aanleggen en hoe zij de melkproductie in stand kunnen houden, zelfs als baby en moeder van elkaar gescheiden zijn. U krijgt de eerste dagen hulp bij het aanleggen. Om de melk-productie op gang te brengen is het goed om uw baby binnen één uur of zo snel mogelijk na de bevalling aan te leggen. De eerste week het liefst acht tot twaalf keer per etmaal. Door het vroeg na de geboorte aanleggen en de eerste week zo vaak mogelijk voeden komt de melkproductie vlot op gang. De borstvoeding komt snel op gang door de uitscheiding van het hormoon prolactine. Prolactine zorgt voor het aanmaken van de melk. Als de baby overdag niet uit zichzelf wakker wordt, voedt u de baby in ieder geval elke drie uur. Bij elke voeding biedt u beide borsten aan om de melkproductie in beide borsten te stimuleren. De baby mag drinken tot hij/zij in slaap valt of de borst zelf loslaat. Als uw baby zes uur na de bevalling niet goed aan de borst drinkt of de borst helemaal niet wil pakken, is het belangrijk te beginnen met kolven. Dit geldt ook als uw kindje is opgenomen op de zuigelingenafdeling, omdat het bijvoorbeeld te vroeg geboren is. (zie folder borstvoeding aan pasgeborenen op de zuigelingenafdeling). Voor het op gang brengen van de borstvoeding gebruikt u bij voorkeur een elektrische kolf.


Vuistregel 6
Pasgeborenen krijgen geen andere voeding dan borstvoeding, tenzij op medische indicatie. In moedermelk zitten alle voedingsstoffen die uw baby nodig heeft voor de ontwikkeling. Bij een voldragen zwangerschap heeft een gezonde pasgeborene reserves voor de eerste 48 uu en heeft in principe geen bijvoeding nodig. Elke pasgeborene valt in eerste instantie af. Dat is geen reden tot ongerustheid. Dreigt uw baby teveel af te vallen en is de borstvoeding nog niet goed op gang gekomen dan kunt u op tijd beginnen met extra kolven en bijvoeden. Bijvoeden kan door middel van cupfeeding of fingerfeeding.

Medische redenen om bij te voeden zijn:
· Een baby met een hoog (> 4500 gram) of juist een te laag (< 2500gram) geboortegewicht.
· Een baby die 10% is afgevallen ten opzichte van het geboortegewicht, bij 7% afvallen is er al actie nodig.
· Tijdelijk medicijngebruik van de moeder. Dit geldt voor een beperkt aantal geneesmiddelen, bij de meeste
  medicijnen kunt u gewoon borstvoeding geven.
· Als er naast frequent voeden en kolven nog onvoldoende borstvoeding is en uw baby bijna is 10% afgevallen, geef
  dan naast de afgekolfde moedermelk extra bijvoeding.

Vuistregel 7
Moeder en kind mogen dag en nacht bij elkaar op de kamer blijven (rooming-in). Rooming-in wil zeggen dat u en uw baby dag en nacht bij elkaar op één kamer mogen blijven. Met rooming-in blijkt dat het geven van borstvoeding gemakkelijker verloopt. Omdat uw baby dichtbij u is, leert u de baby en zijn/haar behoeften beter kennen. Jullie moeten nog aan elkaar wennen en dit gebeurt sneller als u de baby dichtbij u heeft. Zeker in de eerste week is dit belangrijk omdat de borstvoeding nog op gang moet komen. Door rooming-in kunt u reageren op de voedingssignalen die de baby geeft en de baby aan de borst leggen. (zie vuistregel 8).

Vuistregel 8
Nastreven borstvoeding op verzoek. "Vraag en aanbodprincipe". Voeden op verzoek wil zeggen dat uw baby de eerste dagen zo vaak en zo lang mag drinken als hij/zij wil. Dat betekent dat u de baby (effectief) aan de borst laat drinken totdat hij/zij in slaap valt of de borst zelf loslaat. Het is niet nodig om te wachten tot de baby huilt om te weten of hij/zij wil drinken. De baby geeft voedingssignalen zoals het maken van smakgeluidjes, het tongetje naar buiten steken, sabbelen op de vingers en zoeken met het mondje.  Een pasgeboren baby huilt in het algemeen de eerste dagen niet van de honger (uitzonderingen daargelaten). De eerste 48 uur is de baby regelmatig in diepe slaap, afgewisseld door periodes van lichte slaap. In deze periode kunt u de baby proberen aan te leggen. Doordat u de baby voordat deze begint te huilen al aan de borst legt, geeft u soms twee tot drie voedingen extra per 24 uur en dat komt het op gang brengen van de borstvoeding ten goede. Soms geeft u acht voedingen per etmaal maar veel vaker komt u uit op tien tot twaalf keer per etmaal. Na enkele dagen is de borstvoeding goed op gang. Uw baby krijgt nu meer voeding en de tijden tussen de voedingen worden vanzelf langer.

Regeldagen
Regeldagen zijn dagen waarbij vraag en aanbod weer op elkaar afgestemd moeten worden. Dat wil zeggen: omdat de baby groeit heeft hij meer melk nodig en wil hij dus vaker drinken; soms zelfs ieder uur. Dit geeft weer een signaal aan de hersenen om meer prolactine uit te scheiden in de bloedbaan en meer prolactine betekent meer melk.
Regeldagen komen ongeveer rond dag tien voor, bij drie en zes weken en bij drie en zes maanden. Deze momenten zijn niet strikt en sommige vrouwen weten niet wat regeldagen zijn. Als ze er zijn, twijfel dan nooit aan uw orstvoeding, die is goed. De baby is gegroeid en vraagt om meer eten. Het hoort er gewoon bij. Neem tijdens de regeldagen extra rust. Na één tot vier à vijf dagen is vraag en aanbod weer op elkaar afgestemd en slaapt uw baby weer langer tussen de voedingen.

Vuistregel 9
Aan pasgeborenen die borstvoeding krijgen wordt geen speen of fopspeen gegeven. De reden hiervan is dat er zuigverwarring kan ontstaan doordat er een heel andere zuigtechniek nodig is bij het drinken aan de borst dan bij het drinken met een speen. Hetzelfde geldt voor drinken met een tepelhoedje aan de borst. Dit geldt niet voor te vroeg geboren baby's. Soms is het toch nodig in de loop van het kraambed, als tijdelijk hulpmiddel en onder goede begeleiding een tepelhoedje te gebruiken. Dit gebeurt dan altijd in overleg met de verpleeg- of verloskundige.

Vuistregel 10
Bij het beëindigen van de zorg wordt verwezen naar borstvoedingsgroepen (moedergroepen).

Wat kunt u doen om u te laten informeren?

Borstvoedingspreekuur
Elke maandagmiddag houdt de lactatiekundige tussen 13.00 en 15.00 uur een telefonisch spreekuur over borstvoeding. U kunt dan bellen via tel. (0165) 58 82 37.

Informatie via internet
· www.borstvoeding.com.
· www.borstvoeding.nl.
· www.voedingscentrum.nl.
· www.minvws.nl.

Verenigingen en moedergroepen
· Vereniging Borstvoeding Natuurlijk telefoon(0343)-57 66 26.
· La Leche League. telefoon (0111)41 31 89.

Lactatiekundige
· Inschakelen via Thuiszorg West-Brabant telefoon ( 0165)56 02 00. De lactatiekundige kunt u inschakelen bij specifieke problemen zoals ingetrokken tepels (aanlegproblemen), voeden na een borstoperatie, borst weigeren, vroeggeboorte, meerlingen, etc. Verschillende ziektekostenverzekeraars vergoeden deze zorg (gedeeltelijk).

Literatuur:
· Te verkrijgen in de boekhandel of bij de bibliotheek.
. Op de afdeling is ook een aantal boeken beschikbaar, vraag hier gerust naar.

Borstvoeding geven?

Kort gezegd komt het neer op:

  • Voed vroeg (binnen één uur na de geboorte ), vaak en op verzoek (vraag- aanbod principe).
  • Geef minstens één nachtvoeding.
  • Bied altijd twee borsten aan.'
  • Blijf dag en nacht bij elkaar op de kamer.
  • Beperk tijdsduur en frequentie van het voeden niet.
  • Geef geen bijvoeding zonder medische indicatie.
  • Start met kolven als de baby zes uur na de geboorte nog niet heeft gezogen of effectief heeft gedronken aan de borst.
  • Weeg de baby tijdens de kraamperiode één keer per dag bloot.
  • Geef geen flesje of fopspeen.

Waarom kunstvoeding?

Borstvoeding is voor zuigelingen de meest optimale voeding. Er kan een reden zijn waarom u geen borstvoeding kunt of wilt geven. In dat geval is kunstvoeding een prima alternatief. De verpleegkundige zal u de eerste voedingen helpen en ondersteunen bij het geven van de flesvoeding aan uw baby. Er zijn verschillende soorten voedingen op de markt. Zodra de baby geboren is heeft hij voedingsbehoefte. Wij beginnen op de afdeling met de standaard zuigelingvoeding vanaf 0 maanden. Tijdens uw verblijf op de kraamafdeling wordt de voeding door afdeling verzorgd, ook als uw kindje andere voeding nodig heeft ( bijv. hypo allergeen) dan wordt dit door onze afdeling verzorgd. U moet er voor zorgen dat u flesvoeding in huis hebt, voordat u met ontslag gaat. Wij geven namelijk nooit voeding mee naar huis.

Wij gebruiken op de afdeling standaard wegwerpflesjes. U mag hier tijdens het verblijf gebruik van maken.
Het is echter mogelijk om de fles waarvoor u gekozen heeft, mee naar het ziekenhuis te brengen zodat uw baby hier aan kan wennen.

 
Voedingsschema per dag
De gezonde pasgeborene met een geboortegewicht van 3000 gram of meer krijgt vanaf geboortedag 6 x 20 ml voeding aangeboden om de 3 a 4 uur. Per dag wordt de voeding opgehoogd met 10 ml per fles tot maximaal 90 à 100 ml per dag. In overleg met de kinderarts kan het zijn dat er een ander voedingsschema wordt gehanteerd .

Uitkoken en bewaren van de fles
· De fles en speen worden 1 keer per 24 uur uitgekookt
· Na ieder gebruik de fles en speen goed afspoelen met lauw water, daarna goed afdrogen en droog bewaren.

versie:
Home » Specialismen en afdelingen » Verloskunde en gynaecologie, verpleegafdeling » Borstvoeding of kunstvoeding