Urologie maatschap, Route 34

Prostaatoperatie



Print deze folder

Inleiding
Binnenkort krijgt u een prostaatoperatie. Dit heet een ‘TUR-prostaat'. TUR betekent Trans Urethrale Resectie. Dat betekent het verwijderen van de prostaat via de plasbuis. Hieronder leest u over de operatie, zodat u zich kunt voorbereiden.

Wat zijn prostaatklachten?
Een man kan op latere leeftijd last krijgen van zijn prostaat. De klachten zijn dan:
· Vaak plassen.
· Niet goed kunnen beginnen met plassen.
· Geen druk achter het plassen kunnen zetten.
· Nadruppelen.
· ‘s Nachts vaak plassen.
De prostaat is groter geworden en veroorzaakt daardoor deze problemen. De prostaat is een klein orgaan. Het ligt in de buik rondom het boveneinde van de plasbuis, waar deze uit de urineblaas komt. Op de eerste tekening ziet u een normale prostaat. Op de tweede tekening is de prostaat vergroot.

De prostaat
De prostaat voegt vocht toe aan de zaadcellen, die in de teelballen worden gemaakt. Bij volwassen mannen is de prostaat zo groot als een kastanje. Na het veertigste levensjaar kan de prostaat gaan groeien. Hierdoor kan de prostaat de plasbuis geheel of gedeeltelijk dichtdrukken. Dit veroorzaakt de plasklachten. Die kunnen zo ernstig zijn dat het nodig is om een deel van de prostaat operatief weg te nemen.

Voorbereiding

Op de dag van uw operatie, wordt u opgenomen op een verpleegafdeling. U heeft dan een gesprek met een verpleegkundige. Deze vertelt u over de gang van zaken op de afdeling. U kunt de avond voor de operatie tot 24.00 uur eten. Tot twee uur voor de operatie of uw opnametijdstip mag u nog heldere dranken of koffie en thee zonder melk gebruiken. Daarna drinkt u niets meer. Zodra u aan de beurt bent, wordt u naar de operatiekamer gebracht. Daar ontmoet u de anesthesioloog. Deze geeft u de verdoving zoals met u is afgesproken tijdens het Preoperatief spreekuur.

De operatie

De uroloog brengt via uw plasbuis een dunne buis naar binnen. Aan dit instrument zit een metalen lusje, dat elektrisch wordt verhit. Hiermee snijdt de uroloog stukje voor stukje prostaatweefsel weg. Alleen het weefsel dat de plasbuis vernauwt, wordt weggehaald. De operatie duurt gemiddeld dertig tot zestig minuten.

Na de operatie

Na de operatie gaat naar de uitslaapkamer. De anesthesioloog beoordeelt uw conditie. Zodra deze goed is gaat u terug naar de verpleegafdeling. Na de operatie heeft u een slangetje in uw plasbuis en een infuus in uw arm. De verpleegkundige controleert deze regelmatig evenals uw bloeddruk en polsslag. Ook bekijkt zij de kleur van uw urine en controleert de urine op stolsels. Zonodig wordt uw blaas via het slangetje gespoeld.

Het herstel
Als u goed eet en drinkt, wordt het infuus de dag na de operatie verwijderd. Soms moet het infuus langer inblijven om medicijnen te kunnen toedienen. Het slangetje wordt verwijderd wanneer u geen bloedstolsels meer in uw urine heeft en de kleur van de urine helder is. Meestal is dat de dag na de operatie.

Daarna kunt u:
• Nog bloed in uw urine hebben.
• Ongewild wat urine verliezen.
• Mogelijk niet plassen terwijl u wel aandrang heeft. Dit kan pijnlijk zijn.
• Met kleine beetjes plassen. Ook dit kan pijnlijk zijn.

Deze verschijnselen zijn normaal. Maakt u zich hierover zorgen? Bespreekt u dit dan met de verpleegkundige. Nadat het slangetje is verwijderd, plast u de eerste tijd in een urinaal. Zo kan de verpleegkundige de hoeveelheid en de kleur van uw urine controleren. Zodra de ‘porties' goed zijn, kunt u weer op het toilet plassen. U hoort dit dan van de verpleegkundige. Is uw urine nog bloederig? Drinkt u dan minimaal twee liter per dag om uw blaas goed door te spoelen. U krijgt pijnstillers na de operatie. Heeft u toch nog pijn? Dan kunt u extra pijnstilling vragen aan de verpleegkundige.

Het ontslag

Als u goed kunt plassen mag u een dag na de operatie naar huis. U heeft nog een ontslaggesprek met de verpleegkundige. Tijdens dit gesprek krijgt u adviezen over de leefregels thuis. Deze adviezen krijgt u op papier mee. U krijgt ook een afspraak voor controle op de polikliniek mee. Die afspraak is zes tot acht weken na de operatie. Op deze afspraak krijgt u ook de uitslag van het onderzoek van het weggenomen weefsel.
De eerste zes tot acht weken na de operatie kan er nog bloed in uw urine zitten. Ook kan het plassen nog pijnlijk zijn. Blijft u vooral goed drinken zodat u veel urine produceert. Plassen is daardoor minder pijnlijk.
Ongeveer twee tot vier weken na de operatie kunt u uw werk weer doen, afhankelijk van het soort werk dat u doet.

Complicaties

Het belangrijkste risico op korte termijn is een nabloeding. Die is meestal goed te behandelen met extra spoelen van de blaas. Soms moet hiervoor een nieuw slangetje worden ingebracht. Verder kunt u na de operatie koorts krijgen. Koorts is goed te behandelen met antibiotica.
Belangrijker zijn de complicatie op lange termijn. Er is een kleine kans dat er zich littekenweefsel ontwikkelt. Daardoor kan een vernauwing in de plasbuis ontstaan. Dit littekenweefsel kan meestal met een kleine operatie worden verwijderd.
Er is een kans van minder dan 1% dat u na de operatie blijvend moeite heeft met het ophouden van de plas (incontinentie).

 

Wat te doen bij complicaties

Krijgt u de eerste veertien dagen na de operatie problemen die te maken hebben met de operatie? Bijvoorbeeld koorts boven de 39ºC en bloedverlies dat meerdere dagen aanhoudt. Neem dan contact op met het ziekenhuis:
· Op maandag tot en met vrijdag tussen 08.00 en 17.00 uur belt u met de polikliniek Urologie,
  tel (0165) 58 85 57.

· Buiten deze tijden belt u met de afdeling Spoedeisende Hulp: (0165) 58 88 89

Gevolgen voor uw geslachtsleven

Bij de meeste mannen treedt na de operatie geen zaadlozing meer op. Tijdens het klaarkomen wordt het zaad richting de blaas gestuwd en niet meer door de plasbuis naar buiten. Het gevolg is dat u geen volledige zaadlozing heeft. Hierdoor kunt u op natuurlijke wijze geen kinderen meer verwekken. Deze operatie heeft geen enkele invloed op uw geslachtsleven. Uw lust tot vrijen verandert niet. Na de operatie krijgt u net zo goed een erectie. Ook het orgasme verandert niet. Wel kunt u de eerste weken of soms maanden na de operatie wat pijn hebben bij het vrijen. Ook kunt u wat minder zin hebben in vrijen of zelfbevrediging.

Vragen

Heeft u nog vragen? Stel ze gerust aan uw uroloog.

versie: 08/09
Home » Specialismen en afdelingen » Urologie maatschap » Prostaatoperatie