Urologie maatschap, Route 34

Blaasstenen, verwijderen van



Print deze folder

Inleiding
Binnenkort wordt u in het ziekenhuis opgenomen voor het verwijderen van blaasstenen via de plasbuis.

Voorbereiding

Gebruikt u bloedverdunnende medicijnen zoals marcoumar, sintrimmitis of ascal? Dan moet u dit van tevoren aan de uroloog vertellen. In overleg met de uroloog stopt u het gebruik van deze medicijnen geruime tijd voor de operatie. De operatie vindt meestal onder plaatselijke verdoving plaats. Ook algehele anesthesie (narcose) of een ruggenprik is mogelijk. Dit bespreekt de anesthesioloog met u. Hoe u zich op de narcose moet voorbereiden leest u in de folder "Anesthesiologie". Deze folder krijgt u als u zich inschrijft bij het Bureau Planning en Opname.

De operatie

Bij deze operatie brengt de uroloog een buisje in de plasbuis in. Via dat buisje verwijdert of vergruist de uroloog de blaassteen of -stenen. Dit gruis wordt later afgevoerd via een slangetje in de plasbuis (katheter) dat u tijdens de operatie krijgt. Dit slangetje is nodig om de urine goed af te voeren en om de blaas te kunnen spoelen als dat nodig is. De uroloog spreekt af wanneer het slangetje verwijderd wordt. Meestal is dit twee dagen na de operatie.

Na de operatie

U mag gewoon douchen.
Zodra u voldoende hersteld bent, spreekt de uroloog met u een datum van ontslag af.

Complicaties

Krijgt u de eerste veertien dagen na de operatie problemen die te maken hebben met de operatie? Neem dan contact op met het ziekenhuis:
· Op maandag tot en met vrijdag tussen 08.00 en 17.00 uur belt u met de polikliniek urologie,
  tel. (0165) 58 85 57.
· Buiten deze tijden belt u met de afdeling Spoedeisende Hulp, tel. (0165) 58 88 89.

Vragen

Heeft u nog vragen? Stel ze gerust. De polikliniek urologie is te bereiken via tel. (0165) 58 85 57.

versie: 08/09
Home » Specialismen en afdelingen » Urologie maatschap » Blaasstenen, verwijderen van