Trombosedienst
Antistolling, zelf meten en doseren

Sinds enige tijd is het voor bepaalde patiënten mogelijk om zelf de waarde van de stolling van het bloed door middel van een vingerprik te bepalen en de medicatie voor antistolling te doseren.
Zij moeten daarvoor een bekwaamheidscertificaat halen door het volgen van een cursus. De kosten van deze cursus worden door de zorgverzekeraars vergoed, met uitzondering van het gedeelte dat uw eigen risico betreft.
U komt voor deze cursus in aanmerking als u:
1. langer dan een half jaar bent ingesteld op antistolling;
2. uw leven lang middelen voor antistolling moet gebruiken.
Zelfcontrole biedt u een grotere vrijheid, want u kunt meten waar u ook bent, dus eventueel ook op uw vakantieadres in het buitenland. Een belangrijk voordeel is dat u meer inzicht heeft in uw instelling.
Patiënten die zelf meten zijn erg positief over deze nieuwe methode. Realiseert u zich echter wel, dat u na het behalen van dit bekwaamheidscertificaat zelf verantwoordelijk bent voor het meten van de stollingswaarde en het doseren van de antistolling.
Cursus en training
De cursus wordt gegeven gedurende twee ochtenden en duurt per keer ongeveer drie uur.
De eerste ochtend wordt geleerd hoe u bij uzelf een bloedmonster afneemt door middel van een vingerprik.
Ook het instellen van het apparaat dat de stollingstijd (INR) bepaalt, leert u de eerste ochtend.
De trombosedienst stelt zo'n apparaat in bruikleen beschikbaar. Om vertrouwd te raken met het gebruik van het zelfmeetapparaat prikt u zich vervolgens gedurende een week iedere dag en leest de stollingswaarde af.
De tweede ochtend wordt geleerd wat "stolling" inhoudt en ook het interpreteren van de stollingswaarde komt dan aan bod. Aansluitend wordt u gedurende tien weken begeleid tijdens een telefonisch spreekuur.
U prikt zich dan één keer per week en bepaalt de stollingswaarde in uw bloed. De uitslag geeft u telefonisch door aan een medewerker van de trombosedienst. Samen met deze hulpverlener wordt de dosering voor de komende week besproken. De uitwisseling van deze informatie kan ook via e-mail plaats vinden.
Alle gegevens dienen door u te worden bijgehouden in een logboek.
Na twaalf weken wordt de cursus afgerond met een laatste individueel consult op de trombosedienst.
Na de cursus staat u er niet alleen voor. U blijft onder controle van de trombosedienst, waar u een keer in de drie maanden een bezoek aan brengt. De meetresultaten, doseerschema's en het zelfmeetapparaat worden dan gecontroleerd. U kunt altijd, als u problemen of vragen heeft, contact opnemen met een medewerker van de trombosedienst.
Wilt u deze cursus volgen? Bel dan met de trombosedienst (0165) 58 83 80







