Gynaecologie
Chlamydia

Inleiding
Chlamydia is de meest voorkomende seksueel overdraagbare aandoening (soa) in ons land. Naar schatting lopen jaarlijks circa 60.000 mensen deze aandoening op. Met name bij vrouwen en mannen tussen de 15 en 35 jaar komt chlamydia veel voor. Toch weten maar weinig mensen wat chlamydia precies is en wat de gevolgen ervan kunnen zijn.
Wat is chlamydia?
Een chlamydia-infectie wordt veroorzaakt door een bacterie: chlamydia trachomatis. Deze bacterie wordt overgedragen via onveilig seksueel contact en veroorzaakt ontstekingen in de slijmvliezen van de geslachtsdelen en/of de anus. Chlamydia komt bij de gehele bevolking veel voor. Uit bevolkingsonderzoek in Amsterdam, blijkt dat 2 tot 5% van de vrouwen de chlamydiabacterie bij zich draagt. Chlamydia komt aanzienlijk vaker voor bij jonge vrouwen (15-19 jaar) en Surinaams-creoolse en Antilliaanse vrouwen.
Klachten
Veel mensen die chlamydia hebben, merken dat niet. Van de vrouwen die met chlamydia zijn geïnfecteerd heeft 60-70% geen (duidelijke) klachten. Bij de overige vrouwen ontstaan 1 tot 3 weken na de infectie klachten. Klachten bij vrouwen die op chlamydia kunnen duiden zijn:
- Pijn of een branderig gevoel bij het plassen.
- Meer of andere afscheiding.
- Tussentijdse bloedingen.
- Pijn of bloedverlies tijdens of na het vrijen.
- Pijn in de onderbuik.
- Pijn rechtsboven in de buik.
Mannen hebben iets vaker klachten dan vrouwen als zij met chlamydia zijn besmet. Vaak ontstaan deze klachten één tot drie weken na de besmetting. Maar ook bij mannen ontbreken klachten vaak. Klachten bij mannen die op chlamydia kunnen duiden zijn:
- Pijn of een branderig gevoel bij het plassen of poepen.
- Afscheiding uit de penis.
- Pijn in de balzak.
Overdracht
Doordat een chlamydia-infectie vaak symptoomloos verloopt, bestaat er een grote groep mensen die niet weten dat zij chlamydia hebben. Zij kunnen anderen infecteren zonder dat zij zich daarvan bewust zijn. Chlamydia is erg besmettelijk. Als een vrouw een keer onveilig seksueel contact heeft met een geïnfecteerde man, wordt de kans op overdracht geschat op 50%. Voor een man die onveilig vrijt met een geïnfecteerde vrouw is die kans ongeveer 25%. Chlamydia is niet alleen overdraagbaar op de slijmvliezen van de geslachtdelen, maar ook op de slijmvliezen in de anus. Welke plaatsen zijn besmet, hangt af van de manier waarop seks heeft plaatsgevonden.
Preventie
Een condoom beschermt tegen overdracht van de chlamydiabacterie. De bestrijding van chlamydia richt zich niet alleen op het voorkomen van chlamydia-infecties, maar op vroege opsporing en behandeling. Chlamydia is goed te behandelen met antibiotica, als de infectie tijdig wordt opgemerkt. Maar als de klachten heel vaag zijn of niet serieus worden genomen, vindt behandeling soms niet tijdig plaats. De infectie kan dan schade aanrichten. Vroege opsporing en behandeling zijn dan ook van groot belang. Sinds 1995 zien soa-poliklinieken steeds meer chlamydia-infecties. Dit is te danken aan verbeterde diagnostiek en aan de toegenomen bekendheid van (de klachten van) chlamydia, waardoor steeds meer mensen zich laten onderzoeken op chlamydia.
De gevolgen
Complicaties
Bij vrouwen kan chlamydia baarmoeder- en eileiderontstekingen veroorzaken. Door deze ontstekingen ontstaan verklevingen en littekenweefsel in de eileiders, die tot ernstige vruchtbaarheidsproblemen kunnen leiden. De eileiders kunnen vernauwen of zelfs verstopt raken, waardoor ze niet meer (goed) functioneren. Hoe vaker een vrouw een chlamydia-infectie heeft die leidt tot een ontsteking van het kleine bekken (Pelvic Inflammatory Disease: PID), en hoe ernstiger die infectie ontsteking verloopt, des te groter de kans op complicaties. Jaarlijks worden hierdoor naar schatting zo'n 1000 vrouwen onvruchtbaar. Andere gevolgen kunnen zijn: buitenbaarmoederlijke zwangerschap en (chronische) buikpijn.
Tabel: Chlamydia-infecties en de gevolgen bij vrouwen
|
Vrouwen |
Aantal per jaar |
|
Chlamidia-infecties |
33.000 |
|
Ontsteking van de baarmoederwand |
14.000 |
|
Ontsteking van de eileiders |
7.000 |
|
Onvruchtbaarheid door verstopte eileiders |
1.000 |
|
Buitenbaarmoederlijke zwangerschap |
300 |
Bron: fact sheet soa-bestrijding; Stichting soa-bestrijding, 1996
Bij mannen zijn de gevolgen van chlamydia meestal minder ernstig. Het komt soms voor dat de infectie opstijgt naar de bijbal of de prostaat. Zo'n infectie is bijzonder pijnlijk, maar goed te behandelen. Jaarlijks lopen zo'n 27.000 mannen chlamydia op. De bacterie veroorzaakt bij circa 1000 van hen een ontsteking van de bijbal of de prostaat. Als een zwangere vrouw een chlamydia-infectie heeft, kan de baby tijdens de bevalling worden geïnfecteerd Als gevolg daarvan kan de pasgeborene een oog- of longontsteking krijgen. Een chlamydia-infectie is echter ook tijdens de zwangerschap goed te behandelen, zodat het kind geen risico loopt.
Psychosociale en relationele gevolgen van chlamydia-infectie
Chlamydia kan aanzienlijke psychosociale en relationele gevolgen hebben. Evenals bij andere soa, speelt vaak de vraag wie de soa op de patiënt heeft overgebracht. Dit roept vaak gevoelens van schuld, schaamte, woede en verwijt op. Wanneer onduidelijk is in hoeverre de chlamydia ernstige schade heeft aangericht, kan dat vooral bij vrouwen tot grote onzekerheid en spanning leiden. Vrouwen die met vruchtbaarheidsproblemen te maken krijgen, ervaren deze als zeer ingrijpend en 40% van hen vindt deze problemen het ergste dat hen ooit is overkomen.
Advies, onderzoek en behandeling
Wanneer - na een onveilig seksueel contact - één of meerdere van de beschreven klachten zich voordoen, ook al is er geruime tijd verstreken, dan is een bezoek aan de huisarts, de GGD of een soa-polikliniek aan te raden. De meeste GGD-en behandelen zelf niet, maar kunnen wel doorverwijzen naar een arts die gratis en anoniem onderzoekt en behandelt. Bovendien kan de GGD informatie en advies geven. Soa-poliklinieken verrichten gratis en anoniem onderzoek en behandeling. Als (laboratorium)onderzoek uitwijst dat iemand een chlamydia-infectie heeft, dan wordt een antibioticakuur voorgeschreven. Het wordt afgeraden om gedurende de week na de start van de kuur geslachtsgemeenschap te hebben; daardoor kan herbesmetting plaatsvinden. Het is daarom ook van belang dat de seksuele partner zich snel laat onderzoeken en/of gelijktijdig behandelen. Ex-partners dienen ook te worden gewaarschuwd. Zij hoeven immers geen (duidelijke) klachten te hebben, maar kunnen toch zijn geïnfecteerd en anderen infecteren.
Meer weten?
Voor meer informatie over veilig vrijen of soa, kijk op internet: www.soa.nl of bel de soa-infolijn: 0900- 204 20 40 (10 eurocent per minuut). Schriftelijke informatie over soa en veilig vrijen is verkrijgbaar bij GGD-en, soa-poliklinieken en (sommige) huisartsen en apotheken.
De tien meest gestelde vragen over chlamydia
1. Als ik met iemand vrij die chlamydia heeft, hoe groot is de kans dat ik dan word geïnfecteerd?
Als een man één keer onveilige geslachtsgemeenschap heeft met een geïnfecteerde vrouw, is de kans op overdracht zo'n 25%. Voor een vrouw die onveilig vrijt met een besmette man, is die kans circa 50%. (De kans op overdracht van chlamydia bij homoseksuele contacten is niet bekend).
2. Ik heb last van pijn bij het plassen. Moet ik me nu laten onderzoeken op chlamydia?
Heb je onveilig gevreeën en daarna last gekregen van vage klachten, zoals: pijn in de onderbuik, wat meer of andere afscheiding, pijn of een branderig gevoel bij het plassen, bloedverlies tussen twee menstruaties, bloedverlies of pijn tijdens of na het vrijen; ga dan naar je huisarts, de GGD, een soa-polikliniek of de Rutgers Stichting. Vraag de arts die je behandelt om een soa-onderzoek. Het is belangrijk om de arts te vertellen dat je onveilig hebt gevreeën. De klachten kunnen namelijk ook door andere aandoeningen worden veroorzaakt (zoals blaasontsteking of een schimmelinfectie).
3. Ik ben al een keer voor chlamydia behandeld. Kan ik het nu nog een keer oplopen?
Ja. Een behandeling is geen inenting. Als je opnieuw met de chlamydiabacterie in aanraking komt, kan je opnieuw worden geïnfecteerd Het is zelfs zo dat de kans op complicaties zoals onvruchtbaarheid (voor vrouwen) na meerdere infecties veel groter is. Daarom is het zo belangrijk dat je partner ook wordt behandeld (bij voorkeur gelijktijdig en zo snel mogelijk). Jullie kunnen elkaar anders opnieuw besmetten.
4. Moet ik de hele kuur afmaken? Of mag ik stoppen als de klachten over zijn?
Je moet de voorgeschreven kuur altijd helemaal afmaken. Dat geldt overigens voor alle antibioticakuren. Als je de kuur voortijdig afbreekt, kan het voorkomen dat niet alle bacteriën gedood zijn. Je blijft dan besmettelijk en de klachten kunnen terugkomen.
5. Ik heb een paar jaar geleden chlamydia gehad. Kan ik daardoor onvruchtbaar zijn?
Als je chlamydia snel na de besmetting hebt laten behandelen, is de kans op blijvende schade minimaal. Maar ben je niet (tijdig) behandeld, dan kan de infectie zijn opgestegen naar de eileiders. Als de chlamydia-infectie opstijgt kan schade worden aangericht, waardoor je minder vruchtbaar of zelfs onvruchtbaar kunt zijn. Naar schatting één op de 35 vrouwen met een chlamydia-infectie, wordt onvruchtbaar doordat de infectie niet (tijdig) is behandeld. De kans op onvruchtbaarheid wordt groter naarmate je meerdere ontstekingen hebt gehad, die zijn opgestegen naar de eileiders. Je kunt in Nederland laten onderzoeken of je onvruchtbaar bent, als je al meer dan een jaar probeert zwanger te worden. Blijkt uit het onderzoek dat je onvruchtbaar bent als gevolg van chlamydia, dan kan in sommige gevallen In Vitro Fertilisatie (IVF) een oplossing bieden. (Hierbij wordt een eicel uit de eierstok gehaald en bevrucht met zaadcellen van de man. Daarna wordt de eicel weer terug in het lichaam geplaatst.)
6. Mag ik tijdens de behandeling vrijen?
Tot een week na de start van de behandeling is het beter om geen geslachtsgemeenschap te hebben. Zo kan het lichaam herstellen en voorkom je dat je partner (opnieuw) wordt besmet. Knuffelen, strelen en zoenen mag natuurlijk wel! Wil je toch per se geslachtsgemeenschap hebben; gebruik dan altijd een condoom. Veilig vrijen blijft natuurlijk ook daarna altijd van belang. Zo voorkom je immers een nieuwe infectie met een seksueel overdraagbare aandoening.
7. Ik heb chlamydia, maar ik weet niet wanneer ik ermee ben besmet. Moet ik nu iedereen waarschuwen met wie ik ooit heb gevreeën?
In principe zou je alle partners met wie je in het afgelopen jaar onbeschermd seksueel contact hebt gehad moeten waarschuwen. Bespreek dit eventueel met de arts die je behandelt. Als je iemand niet zelf wilt waarschuwen, roep dan de hulp in van een sociaal verpleegkundige soa-bestrijding van de GGD. Die kan deze taak op zich nemen, zonder jouw naam te noemen.
8. Word ik bij een uitstrijkje voor baarmoederhalskanker ook getest op chlamydia?
Nee. Bij een dergelijk uitstrijkje word je alleen onderzocht op baarmoederhalskanker. Je kunt je arts wel vragen om een chlamydia-onderzoek. Daarvoor zijn verschillende onderzoeksmethoden: de ene arts zal een speciaal uitstrijkje maken, de ander gebruikt een urinetest.
9. Waarom moet ik me laten testen op chlamydia als ik een spiraaltje ga gebruiken?
Een chlamydia-infectie stijgt gemakkelijker op naar je eileiders, als er een spiraaltje wordt geplaatst.
10. Moet ik altijd veilig vrijen?
Condooms gebruiken is dè manier om een besmetting met chlamydia, hiv of andere soa te voorkomen. Maar als je elkaar al geruime tijd kent, is het soms lastig en misschien niet meer nodig om condooms te blijven gebruiken. Wil je stoppen met condoomgebruik, dan zal je na moeten gaan welke risico's jij en je partner in het verleden hebben gelopen. Vind je het moeilijk om een risico-inschatting te maken, laat je dan adviseren door de GGD, de soa-polikliniek, of je huisarts. Bij die laatste twee kun je ook terecht voor onderzoek op hiv en andere soa. Wanneer je besluit te stoppen met condoomgebruik, maak dan wel een goede afspraak met je partner; je vrijt niet met een ander of je vrijt veilig met andere partners. Zorg bovendien voor een goede vorm van anticonceptie, tenzij je zwanger wilt worden. De pil is het betrouwbaarste middel om zwangerschap te voorkomen.







