Laboratorium (KCHLT), Trombosedienst

Trombosedienst



Print deze folder

Inleiding

Uw behandelend arts heeft u antistollingsmiddelen voorgeschreven om stolselvorming (trombose) in het bloed te behandelen en/of te voorkomen. U bent verwezen naar de Trombosedienst in het Franciscus Ziekenhuis te Roosendaal. De Trombosedienst begeleidt en adviseert u tijdens de behandeling tegen trombose.

Doel antistolling

De antistollingsmiddelen acenocoumarol of fenprocoumon (= Marcoumar®) maken het bloed minder stolbaar.
De dosering van deze medicijnen moet precies in balans zijn: een te groot antistollingseffect geeft kans op bloedingen; een te klein antistollingseffect geeft kans op (terugkeren van) trombose. Regelmatige controle is daarom nodig. Deze controles bestaan uit het meten van de stolbaarheid van het bloed. De stolbaarheid wordt uitgedrukt in INR; hoe hoger de INR hoe minder stolbaar het bloed is. Uw behandelend arts of specialist bepaalt hoe lang de behandeling duurt. De Trombosedienst verzorgt de controles en doseert aan de hand van de INR uitslag.

Bereikbaarheid

U kunt de Trombosedienst telefonisch bereiken:
op maandag t/m vrijdag van 09:00 tot 13:00 uur en van 14:00 tot 17:00 uur
op telefoonnummer (0165) 58 83 80 - (0165) 58 83 64
of via faxnummer (0165) 58 84 24
of via e-mail trombosedienst@fzr.nl

Buiten deze tijden is in dringende gevallen de dienstdoende analist te bereiken via het centrale nummer van het ziekenhuis, tel. 0165-588000.

Uw bereikbaarheid

Zorg ervoor dat u op de dag van de INR controle tussen 15.00 en 17.00 uur telefonisch bereikbaar bent. voor eventuele vragen of aanpassingen van de dosering. Is er huisbezoek nodig? Dan bezoekt de medewerker van de bloedafname u op de dag van controle tussen 08.00 en 12.30 uur. Bent u verhinderd? Neem dan contact op met de Trombosedienst om een andere afspraak te maken. Gaat u met vakantie of bent u langere tijd niet bereikbaar?
Geef dit dan tijdig door aan de medewerker van de trombosedienst. Uw controle wordt dan aangepast. U krijgt een brief mee met belangrijke medische informatie over uw antistollingsbehandeling. De brief is bestemd voor artsen in het buitenland. Is uw bloed in een ander ziekenhuis gecontroleerd op stolling? Geef de uitslagen en de laatste dosering van uw medicijnen dan door aan de trombosedienst.

Doseerkalender

Na iedere controle door de Trombosedienst ontvangt u de volgende dag uw doseerkalender. Heeft u de kalender niet ontvangen? Neem dan contact op met de Trombosedienst. Bij iedere volgende bloedafname (INR controle) laat u de kalender aan de medewerker van de prikdienst zien.

Toelichting voorkant kalender
Patiëntnummer:
Vermeld dit nummer bij telefonisch of e-mail contact met de Trombosedienst.

Begindatum kalender:
Dosering van:
tot:
Dit is de datum waarop het doseringsritme begint (altijd de dag na de INR controle).

Medicijn:
Het antistollingsmiddel dat de behandelend arts heeft voorgeschreven.
Bijvoorbeeld: acenocoumarol of fenprocoumon (= Marcoumar).

INR:
De afkorting INR betekent: International Normalized Ratio. De hoogte van de INR is een maat voor de stolbaarheid van het bloed.

Streefwaarde INR:
De waardes waartussen de INR bij voorkeur ligt.

Volgende controle
Is de datum voor de volgende bloedafname (INR controle) en de plaats van afname (prikpost of aan huis).

Let op eventuele extra mededelingen op uw kalender

Toelichting tabel
In de 1e kolom staan de weekdagen.

In de 2e, 4e, 6e, 8e, 10e en 12e kolom staan de data.

In de 3e , 5e, 7e, 9e, 11e en 13e kolom staat het aantal in te nemen tabletten voor die dag.
Na inname zet u een kruis op de kalender.

U volgt de kalender en op de datum van de volgende controle laat u bloed afnemen op de prikpost of aan huis. Meestal ontvangt u de nieuwe kalender op de dag na bloedafname (INR controle). Ga met de "oude" kalender verder tot u de nieuwe heeft. U volgt dan direct weer de nieuwe kalender.

Toelichting achterkant kalender
Bovenaan staat een strook waar u bijzonderheden kunt noteren die van belang zijn bij de toekomstige dosering.

Let goed op het volgende:

• Innemen van de tabletten
  Neem de tabletten in volgens de kalender, steeds op hetzelfde tijdstip en bij voorkeur na 17.00 uur bij 
  het avondeten. Deze regelmaat is zeer belangrijk voor de werking van het medicijn.
  Neem het aantal tabletten voor de betreffende dag tegelijk in en kruis het af.
• Regelmatige controle
  De tijd tussen de controleafspraken is afhankelijk van hoe stabiel het INR bij u is.
  Houdt u zich strikt aan deze controleafspraken. Het is belangrijk dat u op de dag van de controle
  telefonisch bereikbaar bent voor eventuele vragen of aanpassingen van de dosering.
• Medicijnen
  Verandering in medicijngebruik (ook van vrij verkrijgbare thuismedicatie) kan de stolbaar¬heid van het bloed
  beïnvloeden. Noteer ook of u injecties en vaccinaties heeft gehad. Schrijft een arts u medicijnen voor? 
  Vertel dan dat u antistollingsmiddelen gebruikt.
• Veranderingen in uw gezondheidstoestand
  Veranderingen in de gezondheidstoestand zoals koorts, diarree en braken kunnen de stolbaarheid van het bloed
  sterk beïnvloeden.
• Bloedingen
  Door het gebruik van antistollingsmiddelen bent u meer kwetsbaar voor bloedingen.
  Bij een verwonding zult u meer bloeden dan normaal.
• Behandeling
  Bezoekt u een arts of tandarts? Komt u voor behandeling of opname in een ziekenhuis?
  Vertel dan dat u antistollingsmiddelen gebruikt.
• Zwangerschap
  Acenocoumarol of fenprocoumon is schadelijk voor het ongeboren kind.
  Heeft u een zwangerschapswens? Bespreek dit dan met de arts die de antistollingsmiddelen voorschrijft.
  De arts past het beleid voor medicatie en controle tijdens de zwangerschap aan.
  Maak ook een afspraak met uw huisarts of gynaecoloog.
• Vakantie of afwezigheid
  Geef de periode waarin u met vakantie bent en het land van uw bestemming tijdig door.
  Uw controle wordt hierop aangepast en u krijgt een speciale brief mee die belangrijk is voor de artsen in uw
  vakantieland als daar controles moeten worden uitgevoerd.

 

Contact opnemen

Neem direct contact op met de trombosedienst bij:
• Verhindering voor een controleafspraak.
• Een vergeten of verkeerde dosis tabletten.
• Verandering of stoppen van medicijngebruik.
• Ziekte.
• Een niet te stelpen lichte bloeding.
• Een blauwe plek op de huid.
• Bloedverlies bij de urine of de ontlasting.
• Een afspraak voor een ingreep door een arts of tandarts.
• Opname in het ziekenhuis.
• Zwangerschap terwijl u al antistollingsmiddelen gebruikt.

De arts kan zo nodig de dosering van de antistollingsmiddelen tijdelijk aanpassen aan de situatie.

Heeft u last van ernstige gezondheidsklachten? Heeft u een ongeval gehad? Heeft u last van ernstige bloedingen? Neem dan zo snel mogelijk contact op met uw huisarts.

versie: 04/11
Home » Specialismen en afdelingen » Specialismen en afdelingen » Trombosedienst