Orthopedische chirurgie, Route 14
Kophalsprothese - Totale heupprothese

Bij deze operatie is de kop van het heupgewricht vervangen door een prothese, de zogenaamde kophalsprothese. Is de gehele heup (kop én kom) vervangen omdat er bijvoorbeeld ook slijtage is geconstateerd? Dan heeft u een totale heupprothese gekregen. Als u een prothese heeft gekregen is er geen breuk meer. U mag het been direct belasten. De fysiotherapeut leert u met krukken, een looprekje of een rollator te lopen. In het begin blijft uw been wat dik. Als u een speciale kous draagt en het been beweegt wordt dat minder.

Dag na de operatie
U krijgt s'ochtends hulp bij de persoonlijke verzorging. Het is de bedoeling dat u weer zelfstandig wordt. Daarom doet u zelf wat u kan en mag. Er wordt een röntgenfoto gemaakt ter controle. Afhankelijk van de hoeveelheid wondvocht en bloed worden de slangetjes verwijderd. De wond kan nog nalekken. Dat komt door een bloeduitstorting die is ontstaan na de val of door de operatie. Er wordt bloed geprikt om te kijken of u te veel bloed hebt verloren tijdens de operatie. Daardoor kan het ijzergehalte in het bloed te laag zijn. De orthopedisch chirurg bepaalt of u eventueel bloed bij moet krijgen via het infuus. Het infuus wordt uit uw arm verwijderd als het bloed in orde is, u geen antibiotica meer nodig heeft en u voldoende eet en drinkt. Heeft u nog een slangetje in de blaas? Dan wordt dat vandaag verwijderd. U plast dan weer zelf op de po of in een urinaal. Na de operatie spuit u nog gedurende zes weken dagelijks Fragmin om trombose te voorkomen. U krijgt een speciale kous van de verpleegkundige. Deze kous moet u overdag gedurende zes weken vanaf de dag van de operatie iedere dag dragen. U begint met opzitten in de stoel naast het bed. Als dit goed gaat begeleidt de fysiotherapeut u bij sta- en loopoefeningen.
Revalideren
Als het nodig is krijgt u hulp bij de dagelijkse persoonlijke verzorging. U krijgt twee keer per dag fysiotherapie. U doet oefeningen en leert lopen met een loophulpmiddel zoals krukken, looprek of rollator. De fysiotherapeut legt u de leefregels uit. De verpleegkundige controleert de wond iedere dag. Ook krijgt u dagelijks pijnstilling. U merkt dat u iedere dag wat vooruit gaat. U kunt steeds meer zelf doen.
Ontslag
Loopt u goed en veilig? Is de wond droog? En is thuis alles geregeld? Dan mag u in principe de vijfde dag na de operatie naar huis. Gaat u op een revalidatieafdeling in een verpleeghuis verder revalideren? Dan wacht u in het ziekenhuis tot daar plaats is.
Controle
Gaat u met ontslag naar huis? Dan worden afspraken gemaakt om de hechtingen te verwijderen en voor een poliklinische controle na zes tot acht weken bij de orthopedisch chirurg of nurse practitioner.
Revalideert u in het verpleeghuis? Dan komt u na zes tot acht weken op de polikliniek op controle bij de orthopedisch chirurg of nurse practitioner. De hechtingen worden in het verpleeghuis verwijderd.
Bij de poliklinische controle wordt een röntgenfoto van uw heup gemaakt.
Complicaties na operatie kophalsprothese
Krijgt u de eerste veertien dagen na de operatie problemen die te maken hebben met de operatie? Neem dan contact op met het ziekenhuis:
· Op maandag tot en met vrijdag tussen 08.00 en 17.00 uur belt u met de polikliniek orthopedie,
tel. (0165) 58 85 37.
· Buiten deze tijden belt u met de afdeling Spoedeisende Hulp: (0165) 58 88 89.
Vragen
Heeft u nog vragen? Stel ze gerust aan de verpleegkundige of aan uw behandelend arts.







