Radiologie, de afdeling, Route 70

Myelografie



Print deze folder

Inleiding
U bent door uw behandelend arts verwezen naar de afdeling radiologie voor een myelografie. Dit is een onderzoek van het ruggenmergkanaal. Bij dit onderzoek wordt door middel van een naald (ruggenprik) contrastvloeistof gespoten in het wervelkanaal, daar waar geen ruggenmerg zit. Door dit contrast kunnen de zenuwen, ofwel het ruggenmerg, in beeld worden gebracht. Een radioloog leidt het onderzoek, geassisteerd door een radiologisch laborant. De opname voor dit onderzoek iduurt ongeveer drie dagen.

Voorbereiding

Een uur vóór het onderzoek krijgt u een tabletje om zo rustig mogelijk het onderzoek te ondergaan. U krijgt ook een operatiehemd aan.

Het onderzoek

U wordt met uw bed naar de afdeling Radiologie gebracht. De laborant vraagt u in een zittende of liggende houding op de onderzoektafel plaats te nemen. U moet uw rug daarbij zo bol mogelijk maken.

Een neuroloog of een arts assistent voert de ruggenprik uit. De plaats van de prik bevindt zich ongeveer vijftien centimeter boven de bilnaad en wordt eerst met jodium ontsmet. De prik doet even pijn, maar nauwelijks meer dan een gewone prik in uw arm. Daarna laat de arts het vocht, dat via de naald uit uw rug komt, in een buisje druppelen. Dat gaat langzaam terwijl u rustig blijft zitten of liggen.

Via de ingebrachte naald wordt vervolgens contrastvloeistof ingespoten. Dit is nodig om de binnenkant van het wervelkanaal op de foto zichtbaar te maken. Van het inspuiten van de contrastvloeistof voelt u niets. Hierna maakt de radioloog foto's. Tijdens het maken van de foto's merkt u dat de tafel, waarop u zit of ligt, kan bewegen. De radioloog vraagt u telkens een stukje te draaien met het hele lichaam om vanuit meerdere richtingen foto's te kunnen maken. Tijdens het onderzoek wordt u steeds verteld wat er gebeurt en wat van u wordt verwacht. Het vocht dat uit uw rug komt wordt onderzocht in het laboratorium. Het totale onderzoek, dus zowel de prik als de foto's, duurt ongeveer vijftien minuten.

Na het onderzoek

U kunt zelf weer in uw bed stappen waarna u wordt teruggebracht naar de verpleegafdeling. Terug in uw kamer blijft u ongeveer één uur rechtop in bed zitten. Vervolgens moet u zeven uur in een halfzittende houding in uw bed liggen met ondersteuning van twee hoofdkussens. Daarna moet u zestien uur plat in bed blijven liggen met ondersteuning van één hoofdkussen.

Complicaties

Complicaties doen zich zelden voor. Soms treedt hoofdpijn op bij het rechtop komen. De pijn verdwijnt meestal als u gaat liggen. De hoofdpijn kan in een enkel geval enige dagen duren. Is dit het geval? Neem dan contact op met uw behandelend specialist.

De uitslag

U krijgt van uw behandelend specialist de uitslag van het onderzoek tijdens uw verblijf in het ziekenhuis of bij uw eerstvolgend polikliniekbezoek.

Attentie!

Als u zwanger bent, ook als u het nog niet helemaal zeker weet, moet u dat vóór het onderzoek melden aan de radiologisch laborant(e). Sommige onderzoeken kunnen schadelijk zijn, vooral in de eerste weken van de zwangerschap. Contrastvloeistof kan een allergische reactie en een onaangename bijwerking veroorzaken, indien u overgevoelig bent voor jodiumhoudende stoffen. Als dit zo is, ook als u overgevoelig bent voor andere geneesmiddelen, moet u dit bespreken met uw behandelend specialist. Wilt u dit vóór het onderzoek ook melden aan de radiologisch laborant of de radioloog.

Vragen

Heeft u nog vragen? Stel ze dan gerust aan de neuroloog of de verpleegkundige. De afdeling Radiologie is tijdens kantooruren te bereiken op tel. (0165) 58 85 50.

versie: 04/03
Home » Specialismen en afdelingen » Radiologie, de afdeling » Myelografie