Orthopedische chirurgie

Tractiebehandeling aangeboren heupafwijking



Print deze folder

Uw kind heeft een aangeboren heupafwijking. Een correctie van de heupafwijking door een Pavlic bandage of een spreidbroek is niet mogelijk. De orthopeed heeft u daarom geadviseerd om uw kind voor een tractiebehandeling te laten opnemen. Een tractiebehandeling duurt enkele weken. Daarna gaat het kind naar huis met een gipsbroek aan.

De tractiebehandeling

Tijdens de tractiebehandeling ligt uw kind in bed met de benen omhoog.
Een verpleegkundige maakt een opbouw aan het bed met koorden en gewichten.
De koorden worden door middel van een pleisterverband en zwachtels aan de benen vastgemaakt.
De gewichten trekken voorzichtig aan de benen om zo de verkorte spieren geleidelijk op te rekken.
Hierbij komen de billen net vrij van het matras te liggen. Gedurende de tractiebehandeling mag uw kind geen sokken dragen. De orthopeed komt regelmatig kijken naar het verloop van de tractie. Hij geeft aan wanneer de benen in spreidstand gebracht mogen worden. De benen worden nu iedere dag een klein beetje verder gespreid.
Na vijf tot zes weken beoordeelt de orthopeed het resultaat van de behandeling aan de hand van een arthrogram.

Onderzoek voor tractiebehandeling

De orthopeed maakt op de operatieafdeling foto's van het heupgewricht met behulp van contrastvloeistof (arthrogram). De contrastvloeistof maakt behalve het bot ook het kraakbeen en het gewrichtskapsel zichtbaar op de foto.
Het injecteren van de contrastvloeistof in het heupgewricht is pijnlijk. Uw kind krijgt hiervoor een lichte narcose.

Gipsbroek

Staan de heupen in de meest gunstige positie van het bekken? Dan krijgt uw kind direct een gipsbroek van gips of kunststof. Om de heupkop goed in het gewricht vast te zetten legt de orthopeed het gips aan van de taille tot de tenen. Soms plaatst de orthopeed een stok dwars tussen de benen om de gipsbroek te versterken. Voor het beste resultaat draagt uw kind de gipsbroek voor een periode van drie maanden.

Weer thuis

Bij de verzorging van uw kind bij het dragen van een gipsbroek let u op het volgende:
· Leg een kussen onder de benen. Een kussen vermindert de druk op de rug en voorkomt zwelling van de voeten.
· Geef kleine hoeveelheden eten en drinken. Een volle maag kan teveel druk van het gips op de buik geven.
· Houd het gips droog. Gebruik een inlegluier (Tena) om te voorkomen dat er urine bij het gips komt. 
  De zijkanten van de inlegluier schuift u onder het gips. Trek over de inlegluier een broekluier aan.
  Controleer minimaal om de drie uur of het nodig is de luier te verschonen.

Nabehandeling

U krijgt een controleafspraak op de gipskamer voor ongeveer twee tot drie weken na het ontslag van uw kind.
De gipsverbandmeester controleert de gipsbroek en de orthopeed maakt met u de vervolgafspraken.
Na drie maanden verwijdert de gipsverbandmeester de gipsbroek. Een instrumentmaker maakt een spreidbroek voor uw kind.

Vragen over de tractiebehandeling

Heeft u nog vragen? Stel ze gerust aan de orthopeed. U kunt hem bereiken via de polikliniek orthopedie (0165) 58 85 27 of de gipskamer (0165) 58 82 69.

Informatie
Voor meer informatie over de heupafwijking kunt u contact opnemen met de vereniging aangeboren heupafwijkingen (VAH) www.heupafwijkingen.nl

versie: 07/10
Home » Specialismen en afdelingen » Orthopedische chirurgie » Tractiebehandeling aangeboren heupafwijking